Homepage Universiteit Leiden
Homepage Faculteit der Letteren Homepage Forum Zoeken in Forum E-mail redactie Forum

Jaargang 5, nummer 1 (februari 2005)

   Agenda
   Onderwijs
   Onderzoek
   Personalia
   Discussie
   Bibliotheek
   Bestuurszaken
   ICT
   Redactioneel
   Reportage
   Colofon
 
Reportage

Masters die bijten

Verslag van de tweede Leidse Mastervoorlichting

Op vrijdag 18 februari was de tweede Leidse Mastervoorlichting een feit. De titel van het verslag van de eerste voorlichtingsdag, ‘De masters leven nog niet echt’ [link?], die op donderdag 3 juni van het vorige jaar gehouden werd, zegt misschien al genoeg over hoe groot de opkomst die dag was. Forum stuurde opnieuw student Bart de Haas op de voorlichting af. Wederom een persoonlijk verslag.

door Bart de Haas

Het is maar goed dat ik vorig jaar geen weddenschap ben aangegaan met Leony van der Splinter. Waar vorig jaar de grote collegezaal 1175/011 op zeven verdwaalde studenten en een coördinator Geschiedenis na leeg was, was het alleen in de zaal waar ik nu was al bijna vijf keer zo druk. Zaal 003 was het en de master had de originele naam Book and Byte meegekregen, of wel Book and digital media studies. En op mijzelf na wist elke student precies dat-ie hier moest zijn.

Boeken die bijten

De voorlichtingsdag begon goed. De computer wilde liever "slapen" dan werken, maar uiteindelijk wist Van der Weel hem dan toch aan de praat te krijgen. De studenten daarentegen hoefden allerminst gewekt te worden. Tijdens zijn korte inleiding zaten ze al zo druk zijn presentatie over te pennen, dat hij uitriep dat alle informatie ook op de website van de master stond. Vervolgens deelde hij prachtig vormgegeven boekenleggers uit met daarop niet alleen het adres van de website, maar ook de spreuk ‘Men moet boeken lezen die bijten’, van Franz Kafka.

De master Book and Byte bood in principe plaats aan 23 studenten. Als enige reeds bestaande master, waren er vorig jaar zeven studenten, waarvan twee uit Nederland en de rest uit China, Amerika, Oostenrijk en Schotland. De master wordt dan ook volledig in het Engels gegeven. Hier schuilt dan ook meteen het probleem van deze, en misschien wel van alle masters: alleen nu in de collegezaal zaten al meer dan het maximale aantal studenten. Als zij allemaal zouden besluiten om deze master te gaan doen, dan hadden ze een probleem. Sterker nog, alleen uit het buitenland waren er al bijna zoveel aanmeldingen – "De buitenlandse verzoeken gaan razendsnel" – dat selectie gewenst was. Hier had men overigens nog niet over nagedacht.

Het grootste gedeelte van de voorlichting bestond verder uit vragen van studenten en antwoorden van Van der Weel. "Ik kan jullie nu nog iets inhoudelijks vertellen, of we kunnen meteen aan de drank. Zullen we hier democratisch over stemmen?" De studenten blijken nog vol vragen te zitten, waaronder de vraag "Kunt u nog iets inhoudelijks vertellen", en zo moet Van der Weel nog minstens een kwartier op de drank wachten.

Als uiteindelijk alle vragen gesteld zijn en ik alles weet over boeken, bytes en superstages, komt de volgende groep al binnen. Ik besluit om nog een uur in zaal 003 te blijven zitten. Welke master hierna zou komen, was voor mij een volledige verrassing. Het bleek iets van Kunstgeschiedenis. Drie enthousiaste docenten/coördinatoren – een vierde zou even later nog hijgend binnenkomen – vertellen met behulp van een overheadprojector om de beurt hoe deze master in elkaar zit. Vriendelijk word ik uitgenodigd om wat dichterbij te komen, maar eigenwijs als ik ben blijf ik zitten waar ik zit. Ik zit hier immers niet om de master te gaan volgen.

Ja, dat is toch het mooie: als student uit het ‘oude systeem’ kun je hier redelijk objectief rondlopen en ontdekken wat er goed en minder goed is aan de masters ontdekken. Al moet ik er meteen aan toevoegen dat ik, bij beide mastervoorlichtingen die ik volgde, het me toch wel leuk leek om ze te gaan volgen. Dat mag als het goed is immers zonder meer, als je tenminste afgestudeerd bent in een Letterenopleiding. Nog even wachten dus.

Devotie

Ook als ik niet naar voren wil komen, gaat de voorlichting op de normale manier door, al betrapte ik één van de docenten erop dat hij naar mijn idee extra hard praatte. "Het is een doorstroommaster," zei één van hen, waarop een ander van mening was dat dit toch eigenlijk wel een gekke naam was. "Je stroomt hierna toch nergens naar door?" Sowieso viel het me op dat er de nodige namen regelmatig door elkaar gehaald werden. Men had het zich dan ook niet gemakkelijk gemaakt door de drie vakken van het eerste semester ‘Master Class’, ‘Research Seminar’ en ‘Literature Class’ te noemen.

Het hele jaar blijkt in deze master over één onderwerp te gaan, namelijk devotie. Denkend aan altaren, beeldverering enzovoorts kun je dit weer toepassen op vakgebieden als architectuur, Azië en zelfs moderne kunst. Ook hier is het zo dat, zodra er ook maar één buitenlandse student bij is, dat de colleges in het Engels gegeven zullen worden. "En bij Oude Beeldende Kunst word je geacht je paper in het Latijn te schrijven.", voegt men hier lachend aan toe.

Steenkolenengels

Dit Engels is naar mijn mening het tweede grote probleem bij de masters. Het zal geen steenkolenengels worden, zo verzekert de universiteit ons, maar de scriptie mag eventueel wel weer in het Nederlands geschreven worden. Hoe dan ook, de moeilijke Engelse termen zullen aan de studenten worden verklaard in hun moedertaal. Ook voor de meeste buitenlandse studenten zal het Engels immers niet de moedertaal zijn. Bij Kunstgeschiedenis verwachten ze overigens niet dat deze master zal overstromen met studenten. "Als het er twintig zijn, zijn wij al gelukkig."

Na deze voorlichting is er nog een borrel in de hal van het Lipsiusgebouw. Alle voorlichters zijn hier te vinden en de borrel is dan ook vooral bedoeld voor studenten met persoonlijke vragen of vragen die nog niet in het algemene deel aan bod waren gekomen. Maar ook als je geen vragen meer had, was je van harte welkom. De meeste studenten gaan echter al snel weer naar huis en laten de borrel daarmee letterlijk links liggen.

Doorstroom

Zelf blijf ik nog wel even, al was het maar om een paar foto’s te maken voor Forum. De verschillende docenten die ik er nog spreek zijn bijna allemaal zeer tevreden. Op de opleiding Nederlands na, had elke voorlichting een hogere opkomst gekregen dan verwacht, waarmee deze voorlichtingsdag een succes genoemd mogen worden. Toen ik even later het gebouw verliet ontdekte ik dat ik binnen beter nog een derde biertje had kunnen drinken: het regende.

Zo fietste ik in de stromende regen naar huis en onderweg stroomden al die termen alsmaar door mijn hoofd. Doorstroommaster. Doorstroommaster. Doorstroommaster. Wel een gek woord eigenlijk.

Uw reactie
vorige pagina top pagina